Deze site gebruikt functionele en optionele cookies om de site te verbeteren.
In gesprek met Joost Hutjes en Noud van den Boogaard
Elke twee weken gaat Vechtclub in gesprek met de makers in Vechtclub XL en Keiland. In deze gesprekken hebben we het over inspiraties, hun werk, leermomenten en visie. Deze week is dit met Joost en Naud.
Joost en Naud delen al een tijdje een werkplaats in Vechtclub XL. Een officiële naam voor hun studio is er niet echt. Ze werken allebei met miniaturen, maquettes en ruimtelijk werk, dus de gedeelde werkplaats spreekt eigenlijk voor zich.
Wel hebben ze beide een eigen manier van werken. Joost heeft wat meer ruimte nodig heeft voor grotere constructies en machines, waar Naud vaak geconcentreerd aan zijn bureau zit te snijden en schilderen. Om te voorkomen dat alles onder het stof komt te zitten, hebben ze een scheidingswand geplaatst.
Hoe kwamen ze bij Vechtclub terecht?
Hun weg naar Vechtclub was voor allebei anders. Naud werkte hiervoor op een andere plek, maar miste daar veel basisvoorzieningen. “Hier heb je gewoon goed licht, water, verwarming. Alles is geregeld,” vertelt hij. “Dat was op mijn vorige plek echt anders.”
Joost kwam via vrienden terecht bij Vechtclub. Zij huurden hier al een ruimte en tipten hem over de plek. Vooral de praktische kant sprak hem aan. “Wij werken veel met grote en zware machines. Dan is het fijn dat je op de begane grond zit en grote deuren hebt.”
Het zijn niet alleen de ruimtes die het aantrekkelijk maakte voor hun. De gemeenschap speelt minstens zo’n grote rol. Volgens Joost ontstaat er hier vanzelf een soort ruilhandel tussen makers. De ene keer leent iemand gereedschap, de andere keer help je iemand met het snijden van plexiglas. Dit soort kleine dingen zorgen ervoor dat mensen elkaar weten te vinden.
Samen studeren
De twee kennen elkaar al langer dan Vechtclub. Ze studeerden allebei kunst en zaten tijdens hun opleiding al naast elkaar in een studio. Joost studeerde een jaar eerder af dan Naud, maar ze bleven contact houden.
Die periode na de academie kan volgens hen behoorlijk zoeken zijn. Waar ga je werken? Wat wil je maken? Hoe bouw je een praktijk op? Juist daarom was het belangrijk voor hen om een vaste werkplek te vinden waar ze konden blijven bouwen aan hun werk. “Alleen huren was waarschijnlijk ook te duur geweest,” vertelt Joost. “Samen werkt eigenlijk perfect.”
Stabiele werkplek
Voor kunstenaars die veel ruimtelijk werk maken, is een vaste plek echt een noodzaak. Joost heeft eerder anti-kraak gewerkt en merkte hoe lastig het kan zijn wanneer je afhankelijk bent van machines en materiaal. “Ik moest er toen na twee weken alweer uit. Met grote machines werkt dat gewoon niet.” Naud hoort soortgelijke verhalen vaker. Daarom waren ze allebei op zoek naar iets stabiels.
Ambities voor de toekomst
Voor de toekomst hebben ze allebei nog genoeg ambities. Joost exposeert momenteel voor het eerst bij Kunsthal KAdE, een mijlpaal waar hij zeker trots op mag zijn. Uiteindelijk zou hij ook graag werk maken voor de openbare ruimte. “Een sculptuur op een rotonde lijkt me bijvoorbeeld heel leuk.”
Naud droomt ervan om zijn werk ooit in grotere musea te laten zien. Net als Joost zoekt hij vooral naar nieuwe plekken waar zijn werk kan groeien.
Inspiratie
Hun inspiratie halen ze uit verschillende hoeken. Joost bewondert kunstenaars die niet alleen werk maken, maar een hele wereld rondom hun praktijk opbouwen. Hij noemt onder andere Joost Conijn en de Verbeke Foundation als voorbeelden van makers en initiatieven die groter durven denken dan alleen het kunstwerk zelf. Naud vindt juist inspiratie bij kunstenaars als Marcel Broodthaers en Lucian Freud. Makers die volgens hem veel poëzie of menselijkheid in hun werk weten te leggen.
Uitdagingen binnen de kunstwereld
Voor Joost zit de grootste uitdaging vaak niet aan het begin of einde van een project, maar ergens in het midden. “Dan ben je soms wekenlang hetzelfde aan het doen,”. “Bijvoorbeeld eindeloos papier-machéën.” Volgens allebei zijn deadlines daarin onmisbaar. Ze zorgen ervoor dat werk afkomt en geven richting aan het proces. Zeker nu kunstenaars steeds vaker ook ondernemer moeten zijn.
Wat hebben jullie geleerd tijdens het maken?
Onderweg hebben ze allebei belangrijke lessen geleerd. Voor Naud is dat heel praktisch: op tijd reageren op mails. Ooit liep hij een kans mis doordat hij te laat antwoord gaf. Joost leerde dat hij niet alles zelf hoeft te doen. “Met boekhouding had ik op een gegeven moment echt zoiets van: waarom doe ik dit eigenlijk nog zelf? Als je ergens niet goed in bent, kan iemand anders het vaak sneller en beter doen, zodat je zelf focus houdt op je werk.”
Hoogtepunten binnen je carrière
Joost noemt meteen zijn huidige tentoonstelling bij Kunsthal KAdE. Voor hem voelde dat als een moment waarop hij serieus genomen werd als kunstenaar.
Naud denkt terug aan tentoonstellingen tijdens zijn tijd op de HKU. Vooral de opening bleef hem altijd bij. Dat moment waarop alles samenkomt en maanden werk ineens zichtbaar wordt voor publiek.
Raad aan nieuwe huurders
Op de vraag wat ze nieuwe Vechtclubbers willen meegeven, hoeven ze niet lang na te denken. Volgens Joost begint alles met contact maken. Gewoon een praatje maken met de mensen om je heen. Naud zegt dat het helpt om open te staan voor onverwachte dingen. Juist in een plek als Vechtclub ontstaan regelmatig samenwerkingen of kansen die je niet van tevoren kunt plannen.
Favoriete herinnering
Hun leukste herinnering aan Vechtclub lijkt dezelfde: de kerstbrunch. Lange tafels, nieuwe mensen ontmoeten en bewoners spreken die je normaal alleen vluchtig tegenkomt op de gang.
Dat soort momenten maken Vechtclub voor hen meer dan alleen een werkplek.